Met reden geloven


 
IndexFAQZoekenRegistrerenGebruikerslijstGebruikersgroepenInloggen

Deel | 
 

 Jehova's getuigen; voorspellingen die niet uitkwamen; deel1

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Alex
Admin
avatar

Aantal berichten : 487
Woonplaats : Geen vaste
Registration date : 25-04-07

BerichtOnderwerp: Jehova's getuigen; voorspellingen die niet uitkwamen; deel1   vr jul 06, 2007 6:24 am

Voorspellingen die niet uitkwamen
Of hoe velen bij de neus werden genomen door valse datumprofeten

Marc Verhoeven, 19-07-2003

De leiders van het Wachttorengenootschap hebben zich van bij de aanvang af (19de eeuw) bezig gehouden met het voorspellen van de wederkomst van Christus. Zij trachtten daar een datum op te plakken. Datum na datum werd voorspeld en ... kwam niet uit. In recentere tijd was dat het jaar 1975.

Aanvankelijk dacht ik dat dit hun énige valse voorspelling was, maar na wat onderzoek was mijn verwondering groot toen ik ontdekte wàt zij eertijds allemaal hebben voorspeld, en waarvan uiteraard niets is uitgekomen.

De meeste Jehovah-getuigen hebben daar geen weet van. Er wordt in die organisatie een heleboel geheim gehouden. De oudere Wachttorenpublicaties zijn slechts met moeite te vinden. Toch heb ik de bewijzen voor mij. Wie echt de moeite doet kan er nog steeds aan geraken. Probleem voor de getuigen is dat hun organisatie een geestelijke gevangenis rond hen heen heeft opgetrokken, via indoctrinaire methoden, zodat nauwelijks iemand het aandurft verder onderzoek te plegen.

Echter, leugenprofeten kon men reeds in het Oude Testament gemakkelijk onderscheiden van ware profeten:

“Wanneer die profeet in de Naam van Jahweh zal hebben gesproken, en dat woord geschiedt niet, en komt niet; dat is het woord, dat Jahweh niet gesproken heeft; door trotsheid heeft die profeet dat gesproken; gij zult voor hem niet vrezen"

Al die datums, zoals 1874, 1878, 1914, 1918, 1925 ... 1975, bleken telkens niet te beantwoorden aan de verwachtingen maar werden wel als “De Waarheid” gepresenteerd en opgelegd. De recentste datum 1975, in verband waarmee een massale groei werd verwezenlijkt en waardoor er nadien weer velen afvielen, is wel een van de schandelijkste voorbeelden van valse en ongeoorloofde profetie. Velen hebben, met die datum voor ogen, hun bezittingen verkocht en alles op alles gezet om voltijds te kunnen ‘prediken’ want de wereld moest op tijd gewaarschuwd worden. Wie in die tijd vóór 1975 b.v. nog een huis wilde bouwen, werd als een ‘zwakke’ in het geloof beschouwd en moest niet op ‘voorrechten’ rekenen (verantwoordelijkheden), en werd niet meer geteld.

Wanneer een voorspelling niet uitkwam, werd nadien een andere zienswijze uitgedokterd. De voorspelling verhuisde naar een latere datum en stond dan weer in een andere context. Het grofst van al is echter dat zij het dan daarna zó uitlegden alsof zij nooit echte fouten hadden gemaakt. Men tracht zelfs de feiten uit het verleden te ontkennen, ook al staan er massa’s bewijzen in hun oude publicaties.

Zo ook met 1975. Toen hun voorspellingen niet uitkwamen werd de schuld op de ondergeschikte Jehovah-getuigen gelegd: ZIJ hadden de zaak verkeerd geïnterpreteerd! Ik kom hier nog op terug.

Vraag Jehovah-getuigen of zij in 1975 het ‘einde’ hebben voorspeld of gepredikt, dan zullen zij allen, zonder uitzondering zeggen, dat dit een leugen is van hun tegenstanders en dat hun Genootschap zoiets nooit heeft voorspeld! Dit typeert de geestelijke leugengevangenis waarin deze mensen gekluisterd zitten.

Voor degene die ogen heeft en WIL zien wat wáár is, en wat leugen, zal ik het volgende ter overweging neerzetten.

U kan onderzoek doen, volgens volgende Wachttorenpublicaties

“De Waarheid die tot eeuwig leven leidt”, blz. 13:

“Daar wij niet willen dat onze aanbidding tevergeefs is, is het belangrijk dat een ieder van ons zijn religie onderzoekt. Indien wij de waarheid liefhebben, behoeven wij voor een dergelijk onderzoek niet bevreesd te zijn”.

“De Wachttoren” van 15 aug. 1964, blz. 420:

“Beproeft u echter niet uw religie, dan zal ten aanzien van Gods voornemen geen rekening met u gehouden worden - 2Kor 13:5. Het kan zijn dat de gedachte dat uw religie niet door God wordt aanvaard, u onaangenaam is, maar het zal u eeuwig tot voordeel strekken thans tot die ontdekking te komen”

U kan dus uw gang gaan om uw ‘religie’ te onderzoeken.

Dan zullen we nu maar eens de ECHTE FEITEN laten spreken (onderstrepingen van mij):

1. “Voor een ieder die de bijbel gelooft, was Pastor Russell, zonder enige twijfel, de laatste, of zevende boodschapper; de getrouwe en verstandige dienstknecht” (Studiën 7, 1917 blz. 3). “Pastor Russell zag zichzelf als het type van de man in het linnen, de Laodicese dienstknecht, de getrouwe en verstandige slaaf des Heren” (Studiën 7, 1917, blz. 417-418).

“In 1919 moest men de leiding van Pastor Russell, van wien men gedacht had dat hij de getrouwe en voorzichtige dienstknecht en de zevende boodschapper was, loslaten” (W.T. mei 1939 blz. 87).

“Pastor Russell heeft er niet in het minst aanspraak op gemaakt, zelf die getrouwe en voorzichtige dienstknecht te zijn” (Gods duizendjarige koninkrijk 1974 blz. 345).

2. “Na nauwkeurig en gebedsvol Schriftonderzoek, was 1874 de exacte datum van de wederkomst des Heren. God heeft de Schriften geopenbaard en de waarheid getoond. Omstandig bewijsmateriaal aangaande het oogstwerk dat in 1874 begon, bewijst afdoende, dat de Heer sedert 1874 tegenwoordig is. God heeft boven alles getoond dat er, gedurende 40 jaren, een oogst der heiligen is, eindigend in 1914” (Harp Gods 1932 blz. 241; Studiën 2, 1889 blz. 170-171; Schepping 1927 blz. 303).

“De ‘tweede komst’ van Christus die onzichtbaar is, vond plaats in 1914” (W.T. maart 1941 blz. 69).

“Het binnenhalen van de oogst begon niet eerder dan bij de komst van Jezus tot de tempel in 1918. Voor die tijd kon er geen oogst zijn” (W.T. januari 1933 blz. 5-6).

3. “Het jaar 1878 geeft duidelijk de tijd aan van de daadwerkelijke aanvaarding van macht, als Koning der koningen. Openb. 14:14-20 is hier van toepassing en Christus is de gekroonde Oogster” (Studiën 2, 1889 blz. 239).

“Het Belangrijke werk der heiligen is tot Zion te boodschappen: uw God regeert (sinds 1878). De ogen der heiligen zijn zeer gezegend; ze zien de Koning in Zijn heerlijkheid” (Studiën 3, 1891 blz. 303-304).

“In 1918 was de nieuwe Koning der aarde gekroond en kwam Hij tot Gods tempel; bood zich als Koning aan, en de oogsttijd was gekomen. Openb. 14 vers 14-16” (W.T. januari 1933 blz. 5-6).

“In 1914 begon Zijn onzichtbare tegenwoordigheid en zat Hij als gekroonde, regerende Koning op de hemelse troon” (Gods duizendjarige koninkrijk 1974 blz. 354).

4. “Welk een zegen en vreugde komt tot ons in de zekerheid, dat sinds de Koning in 1878 Zijn grote macht aanvaardde, Hij begon te regeren door diegenen, die in Christus ontslapen zijn, op te wekken” (Studiën 3, 1891 blz. 306). “God wekte in 1878 de ‘lichaamsleden’ van Zijn Zoon op” (Studiën 7, 1917 blz. 539).

“De getrouwe apostelen en anderen, die tot het lichaam van Christus behoren, werden in 1918 opgewekt” (W.T. maart 1941 blz. 69).[/color]

5. “Het is bewezen waarheid dat het definitieve einde van de aardse koninkrijken en de volledige oprichting van Gods Koninkrijk een feit zal zijn, eind 1914” (Studiën 2, 1889 blz. 99).

“De tijd van de oprichting van het Koninkrijk als macht, staat aangeduid als ‘in het 14e jaar nadat de stad was gevallen’, of 14 jaren na 1918, oftewel in 1932” (Studiën 7, 1917 blz. 569).

6. “Dat de verheerlijking der heilige plaats moet vinden enige tijd voor 1914, is duidelijk” (Studiën 3, 1891 blz. 228).

“Dat de verheerlijking der heiligen plaats moet vinden spoedig na 1914 is duidelijk” (Studiën 3, 1923 blz. 228).

7. “Het jaar 1878 begin van benauwdheid en toorn. De grote dag van Zijn toorn is gekomen” (Studiën 2, 1889 blz. 101, 239).

“Het is de dag der wrake die in de wereldoorlog van 1914 is begonnen” (Studiën 7, 1917 blz. 404).

“De wereldoorlog van 1914-1918 had niets te maken met de wraak of toorn Gods” (W.T. mei 1938 blz. 87).

8. “De wereldlingen, ‘Filistijnen of modernisten’, werden in 1914 te schande gemaakt, toen de wereldoorlog kwam, precies zoals Gods getrouwe knechten verklaard hadden. Wat zij van tevoren gezegd hadden was een bewijs van God voorkennis en macht. Het was het overtuigende bewijs dat God met de organisatie was en de getrouwen waren vastberaden” (W.T. maart 1936 blz. 45-46).

“Gods volk keek uit naar 1914 in vreugdevolle verwachting. Toen het aanbrak en voorbijging was er veel teleurstelling, ergernis en rouw en Gods volk stond grotelijks te schande. Zij werden belachelijk gemaakt door de geestelijkheid en hun bondgenoten, en werden met minachting bejegend omdat zij zoveel over 1914 hadden gezegd dat niet is uitgekomen, hun “profetieën” werden niet vervuld” (“Light” deel 1, 1930 blz. 194).

“God’s faithful people on the earth emphasized the importance of the dates 1914 and 1918 and 1925. They had much to say about these dates and what would come to pass, but all they predicted did not come to pass” (“Vindication” deel 1, 1931 blz. 146).

“Ze hadden veel voorspeld, maar niets ging in vervulling. Ze hadden de oprichting van Gods koninkrijk verwacht. De natiën zouden stil zijn. De gewijden hadden geen juist inzicht. Er heerste grote onrust. De gewijden begingen een ernstige fout. 1914 gaf heel wat anders te zien dan was verwacht” (W.T. mei 1938 blz. 87; Studiën 2, 1889 blz. 77; Studiën 3, 1891 blz. 228; W.T. 1940 blz. 265).

9. “Tot 1846 dat de profetie aangeeft (Dan. 8:14) als de datum wanneer een kern van “heilige mensen” het “heiligdom”, vrij zou komen van de pauselijke dwalingen, gereinigd van onzuiverheden en gereed om de menselijke theorieën door zuivere waarheden te vervangen” (Studiën 3, 1891 blz. 123).

“De feiten zijn nu goed bekend. Het volk Gods heeft de verzekering, door God geleerd te worden. De reiniging van het “heiligdom” de “tempelklasse” (Dan 8:14) aan het eind van de 2300 dagen, vond plaats op 15 okt. 1932 toen het ambt van “gekozen ouderling” eindigde” (W.T. sept. 1933 blz. 138, 140).

“Jehovah’s heiligdom was op tijd, aan het einde van de 2300 avonden en morgens (Dan. 8:14) in de vroege herfst van 1944, in haar juiste toestand gebracht. Het gezicht is waar. De statuten van het Wachttorengenootschap werden in 1944 gewijzigd” (W.T. 15 maart 1972 blz. 182-183).

10. “Thans zien wij in overeenstemming met de onbetwistbare feiten en overeenkomstig de profetie dat de vervulling van het Elia-werk een periode van 40 jaren omvatte en eindigde in 1918. Het Elia-werk werd in 1918 gedood om nimmermeer te herleven. Jehovah bracht in 1919 de betekenis en belangrijkheid van het Elisa-werk onder de aandacht van zijn volk”. “Christus verlicht en onderwijst de goedgekeurden en zendt hen uit om dat Elisa-werk te doen; dit werk geschiedt sedert 1919” (W.T. febr. 1937 blz. 45; jan 1934 blz. 10; Voorbereiding 1933 blz. 255, 260).

“In de moderne vervulling was het Elisa-werk niet in 1918 voltooid en werd de Elia-klasse niet van het toneel weggenomen. In 1942, gedurende de weeën van de tweede wereldoorlog, kwam er een eind aan het Elia-werk. Hierdoor werd profetisch afgebeeld dat het door de Elia-klasse verrichte werk was geëindigd en dat dit zelfde werk, alleen in nog sterkere mate, door de Elisa-klasse zou worden voortgezet. De historische gebeurtenissen die zich in 1942 voordeden, kenmerkten de vervulling van deze verandering” (Uw naam 1963 blz. 313, 314, 333; W.T. 15 okt. 1965 blz. 627).

klik hier voor deel 2

_________________
Credo quia absurdum ?!
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://hamorlehem.blogspot.com/
 
Jehova's getuigen; voorspellingen die niet uitkwamen; deel1
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Met reden geloven :: Faith :: Niet-christelijke religies-
Ga naar: